Larantuka is een klein katholiek stadje in Oost Flores op een landstrook tussen de (slapende) vulkaan Ile Mandiri en de zee. Aan de overkant van de zee ligt het eiland Adonara, met al even sprookjesachtige bossen op de heuvels als op Flores.
Op de strook tussen vulkaan en zee loopt één provinciale weg met vrolijk heen en weer hobbelende bemo's/minibusjes. Dat zijn echt rijdende superdisco's met gigantische geluidsinstallaties erin gemonteerd. Soms gaan de chauffeurs zodanig op in de reggae dat ze op het reggaeritme remmen en weer optrekken. Sowieso kom je er altijd wagenziek weer uit, maar je wordt er ook heel blij van.
Vanochtend zijn we naar de vroege ochtendmis geweest, om 6 uur. Ik ga nu weer bijkans elke week ter kerke. Er zaten 300 mensen in de kerk in een stad van 40.000 inwoners. Ik heb ze geteld tijdens de preek. En dat was alleen de vroege dienst. Om 08.00 uur in de ochtend is er nog één, en om 17.00 uur nóg één. Kom daar in Europa eens om.
De Portugese invloeden zijn hier heel oud, uit de zestiende eeuw, de tijd van Tomas Luis de Vittoria en Carlo Gesualdo (Portugese componisten van die tijd weet ik even niet). Lang voor de Belanda's hier hun grote hoofd om de hoek kwamen steken in elk geval.
Ik ben hier op doorreis naar Tanjungbunga en Lewoloba waar Jaap Kunst lokale muziek heeft opgenomen. En bij toeval blijkt er in de stad Larantuka (dat immers stedelijk gebied is, dus Kunst had daar geen enkele interesse in - steden waren naar zijn idee sowieso niet "authentiek") iets heel bijzonders te zijn.
Kunst heeft op het hele eiland Flores verschillende uitvoeringen van het responsorium O Vos Omnes opgenomen. In Sikka, Lewoloba en klaarblijkelijk ook in Larantuka. Daar ben ik pas sinds een paar dagen achter, want de opname is niet als zodanig gelabeld in de collectie (de annotaties stikken van de fouten, zo merk ik elke dag in overleg met mensen die de muziek wel begrijpen).
De speurtocht naar de herkomst van deze opname begon vorig jaar bij iemand in Kupang die me vertelde dat de aanduiding Bajawa (een ander volk op Flores) voor het opgenomen lied niet klopt en dat deze muziek hoogstwaarschijnlijk Lamaholot is, het volk dat hier in Oost Flores, op Solor en Adonara woont. Dit jaar werd dat bevestigd door twee leden van deze gemeenschap en zij zongen meteen allebei mee. Dit is het O Vos Omnes (dat hier uitgesproken wordt als Offos - daar moest ik even aan wennen) en deze versie komt waarschijnlijk uit Larantuka, het centrum van Portugees katholicisme.
Het is een Portugese melodie, op Latijnse tekst. "Portugees relict" schrijft Kunst zuinigjes bij de opnamen van het responsorium die hij in andere delen van Flores maakte. Hij vond het niet interessant want het was niet "puur" van hier, volgens hem, in totale ontkenning van de reële geleefde cultuur van die tijd. Maar hij heeft de melodie kennelijk wel opgenomen, tot drie keer toe. Het trok toch zijn aandacht. De opname van het O Vos uit Lewoloba is verloren gegaan, die uit Sikka is exact dezelfde melodie als deze uit Larantuka, maar met een andere zangtechniek.
De melodie lijkt in niets op het Gregoriaanse gezang met dezelfde tekst, dezelfde lamenterende functie in de Goede Week voor Pasen. De Gregoriaanse versie is als bron gebruikt door Vittoria en Gesualdo voor hun magistrale zettingen van O Vos Omnes. Dus deze "Portugese melodie" is waarschijnlijk in Portugal, onderweg naar hier en hier gevormd, al 5 eeuwen geleden. Hartstikke inheems dus, zelfs in de puristische opvatting van Kunst. De versie die nu gezongen wordt, is enorm stabiel, vertelt iedereen me. De opname uit 1930 van Kunst is precies zoals de melodie nu nog in de Goede Week wordt gezongen, in de processie op Goede Vrijdag (Jumat Agung). En hij is ook precies dezelfde als die Kunst in Sikka opnam, zo'n 100 km verderop.
Tot op de dag van vandaag is er jaarlijks een strenge selectieprocedure in een auditie die openstaat voor iedereen: om solo het O Vos Omnes in de processie van Goede Vrijdag te zingen. Er wordt een enorm belang aan gehecht, niet alleen binnen de kerkgemeenschap die bestaat uit een Confreria die de vijf Kapela's in de omgeving van de kathedraal verenigen, maar voor iedereen, want iedereen mag zich opgeven. En als iemand verkozen wordt om te zingen is dat een enorme eer. Mensen hebben het er generaties laten nog over: mijn moeder, mijn oma is een keer verkozen om te zingen. "Ze heeft Offos gedaan." Nu zijn het uitsluitend vrouwen die het mogen doen. Maar vroeger waren het ook mannen. Ik denk dat de zanger op Kunsts opname een man is.
De confrères van de kerk zijn ontzettend blij dat ik de opname kom laten horen. En weer voel ik dat er iets gebeurt als deze oude krakerige opnames worden afgespeeld voor mensen die zich verbonden voelen met de klanken en ze kunnen duiden. Deze traditie hoeft niet gereactiveerd te worden; ze is springlevend, maar de hervonden verbondenheid met het verleden is voor iedereen ontroerend. Zelfs met vertegenwoordigers van die wereldwijde criminele organisatie voel ik hoe een relatie zich door die klinkende objecten opnieuw vormt.
Komende dinsdag ga ik er samen met de confrères rustig naar luisteren, en wellicht hebben ze nog ergens een lijst liggen met een naam wie het Offos in 1930 mocht zingen... Blijven speuren.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten